Vermeer schilderde Gezicht op Delft vanaf de kade aan de overkant van de Schie. Waarschijnlijk heeft hij bij het schilderen gebruik gemaakt van een camera obscura. Als door een venster biedt het doek uitzicht op de Schiedamse Poort in het midden en rechts de Rotterdamse Poort, die zich weerspiegelen in het water van de Stadskolk, als haven uitgegraven in 1616-1620. De uitwerking is uitermate realistisch. De rode dakpannen en het metselwerk zien eruit alsof het net heeft geregend. Donkere wolken ontwikkelen zich op de voorgrond, terwijl de stad zelf nog in het zonlicht baadt. De wolken weerspiegelen in het rustige water. Op de voorgrond zien we een afgemeerde trekschuit en enkele vrouwen in boerenkleding en stadskleding. Deze trekvaart langs de Schie was zeer modern, net aangelegd in 1655. Het is vroege ochtend, want de zon staat in het oosten. Het licht speelt over de daken van de huizen langs de Lange Geer en trekt de aandacht naar de toren van de Nieuwe Kerk.

Door historisch onderzoek is zelfs de exacte maand en het jaar bepaald van deze scène.